Behang encyclopedie

Behangen?
Van Apeldoorn Schildersbedrijf
adviseert!



Plakmiddelen - Verwerkingsadviezen - Vochtbestrijding

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Lakmoespapier Lekdorpel Linnenfabricage Loodlijn
Lakpapier aanbrengen Lekkageringen en -plekken Linnen naaien Loodmenieverf
Lamsvelroller Lichtechtheid Linnen spannen Loodstrip
Langzaamwekend grondpapier Lincrusta aanbrengen Linnenspijkers Loslaten van behang
Lavaschuim Lineaal met snij-apparaat Lippenstift, vetkrijt etc. verwijderen Lijmsoorten
Leerpapier plakken Linnen Loodfolie Lijmen van muren

 

 

 

 

 

 

 

 

 
Lakmoespapier  
Zie: Filtreerpapier, Indicatorpapier
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lakpapier aanbrengen  
Zie: Verwerkingsvoorschriften
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lamsvelroller  
Deze rollers worden door de behanger speciaal gebruikt om een wand met lijm in te strijken.
Speciaal wanneer de wand i.p.v. het materiaal moet worden ingestreken verdient een lamsvelroller de voorkeur.
Het voordeel hiervan is dat men veel sneller werkt dan bijv. met een blokkwast. Ook kan de lijm goed op het oppervlak verdeeld worden.
Een goede lamsvelroller wordt gemaakt van een gelooide huid waarin elke haar nog net zo aanwezig is, als dit bij het levende dier het geval was. Omdat een lamsvelroller vrij kostbaar is, is de max. breedte 20 cm omdat een grotere breedte de prijs aanzienlijk zou verhogen.
De kern van een roller bestaat uit hard schuimplastic waarover de gelooide lamsvel wordt aangebracht.
Door de kern wordt een messing buis gestoken die aan weerszijden met metalen, rnessing of plastic sluit- en lagerringen wordt afgesloten. Door deze messing buis wordt een beugel, met op het einde een schroef, bevestigd.
De handgreep is meestal van een houten handvat voorzien.
Tijdens het werken met een lamsvelroller moet men niet te snel rollen om spatten te voorkomen.
De oorzaak hiervan is dat de haren van een lamsvelroller niet door water worden bevochtigd en dus ook geen waterachtige lijmsoorten opnemen.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Langzaamwekend grondpapier  
Zie: Grondpapier  
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lavaschuim  
Zie: Natuur puimsteen
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Leerpapier plakken  
Zie: Verwerkingsvoorschriften
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lekdorpel  
Deze dorpel kan de oorzaak zijn van vochtige muren onder ramen etc. Het gevolg van dit vocht is schimmel op het behang.
De lekdorpel kan, liggend op de bouwmuur, niet voldoende afsluiten. Ook kan de specielaag losgelaten of vergaan zijn.
Hierdoor verliest de lekdorpel zijn werking en ontstaan vochtige muurdelen.
Voordat men gaat behangen moet eerst deze lekkage verholpen worden. Veelal zal hiervoor de hulp van een metselaar worden ingeroepen. De binnenwand moeten we droogbranden en schoonmaken.
Hierna kan men dat muurgedeelte behandelen met platen polystyreen of met een poreuze pleisterlaag.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lekkageringen en -plekken  
Door lekkages kunnen in het muurwerk en op het behang geelbruine vochtkringen of -plekken ontstaan.
Voor het behangen zal men de lekkages eerst moeten repareren om herhaling te voorkomen.
Hierna kan men de kringen of plekken met sterk bleekwater uitbreken en laten drogen.
Bij ernstige gevallen zullen deze plekken geïsoleerd moeten worden.
Als isolatiemiddel gebruikt men o.a. spiritusvernis, chloorrubberverf en als de kleur het toelaat ook aluminiumverf.
Verder gebruikt men ook de in de handel zijnde isolatiemiddelen die in één of twee lagen moeten worden opgebracht.
Een nadeel van deze middelen is dat men de muur gedeeltelijk afsluit waardoor oppervlaktecondensatie niet uitgesloten is. Een ander nadeel is dat behang op deze middelen onvoldoende hecht. Om hierin verbetering te brengen kan men deze plaatsen met een schrale lak instrijken en hierin fijn zand strooien. Na droging heeft men een ondergrond waarop behang voldoende hechting geeft.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lichtechtheid  
Zie: Kleurechtheid
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lincrusta aanbrengen  
Zie: Verwerkingsvoorschriften
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lineaal met snij-apparaat  
Zie: Precisie-snijlineaal
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Linnen  
Zie: Behanglinnen, Heel linnen
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Linnenfabricage  
Zie: Heel linnen
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Linnen naaien  
Al komt dit onderdeel niet veel meer voor, het is toch wenselijk dat men in de voorkomende gevallen weet hoe men moet handelen.
Indien men vooraf weet dat men linnenbanen aan elkaar moet naaien dan kan men dit thuis op de naaimachine uitvoeren. Hierdoor bespaart men veel tijd en dus ook arbeidsloon.
Bij reparatie zal men de banen uit de hand moeten naaien. Betreft het nieuwe banen dan kan men de zelfkanten tegen elkaar leggen. Bij gevallen waar geen zelfkant aanwezig is, moet men een inslag van ongeveer 3 cm aanbrengen, om uitscheuren tijdens het spannen te voorkomen.
Hierna hecht men het einde van de baan met een spijkertje vast om een goede strakke naad te krijgen.
Voor het naaien gebruikt men een behangersnaald of een andere naald met een groot oog. Als draad gebruikt men bij voorkeur henneptouw (bindgaren) van niet te dikke kwaliteit. Bij een te dikke draad liggen de steken als een koord op het linnen.
Bij het naaien moeten de steken op gelijke afstand en dicht bij elkaar op hoogstens een 1/2 cm worden geplaatst. Hierdoor verkrijgt men een vlakke naad en ontstaan er geen zwakke plekken. Men naait de banen aan elkaar met een overhandse steek. Men spreekt ook wel van slengen of slingeren. De draad wordt hierbij aan de voorkant door de beide linnenbanen gebracht. Daarna haalt men de draad, over de naad heen, terug en steekt opnieuw aan de voorkant in.
Moet men aan oud linnen een baan naaien dan moet behang en grondpapier worden verwijderd omdat de kans op plooivorming groot is.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Linnen spannen  
Voordat men met linnen spannen gaat beginnen, moet men eerst tengellatten aanbrengen.
Indien deze reeds aanwezig zijn, dan moeten deze op hun deugdelijkheid gecontroleerd worden.
Men moet er hierbij op letten dat de tengels goed vastzitten en dat de oude spijkers i.v.m. roestvorming verwijderd zijn. Ook moeten de tengels i.v.m. doorslaan schoon zijn.
Vóór het spannen worden de tengels met taai plaksel ingestreken. Hierna hecht men het linnen in een bovenhoek vast waarbij het linnen, indien geen zelfkant aanwezig is, 2 á 3 cm op de draad wordt ingeslagen.
Deze inslag is noodzakelijk om uitscheuren te voorkomen. Ze moet evenals de rug van een naad naar achter aangebracht worden waardoor aan de voorkant een glad oppervlak ontstaat.
Hierna wordt de andere hoek uitgehecht waarna de gehele bovenkant op de draad gespijkerd wordt. De spijkers worden op 5 cm afstand van elkaar, gelijkmatig en vooral recht ingeslagen. Hierdoor voorkomt men zwakke plekken en voor de spijkers scheve, boven het hout uitstekende, koppen.
De spijkers moeten op de buitenste rand van het linnen worden ingeslagen en wel zodanig, dat de helft van de kop op het hout en de andere op het linnen komt. Hierdoor voorkomt men dat het linnen tijdens het spannen gaat krullen en dat in het behang zichtbaar zal zijn.
Het linnen moet op 2 cm vanaf het plafond, zijkanten en vloer worden aangebracht. Men heeft hierdoor voldoende ruimte om te spannen en te spijkeren en tevens houdt men een strookje hout over waarop het grondpapier kan hechten.
Na de bovenkant kan men één zijkant op dezelfde wijze vastspijkeren. Op de andere zijkant en de plint plaatst men nu een serie hechtspijkertjes die naderhand verwijderd moeten worden. We noemen dit "soldaatjes uitzetten".
Het linnen wordt nu zuiver op de draad en met kracht over de soldaatjes heengetrokken en vastgespijkerd.
Na de eerste rij spijkers moet nog een tweede rij worden aangebracht. Deze wordt één cm naar binnen tussen de openingen van twee spijkers van de eerste rij geplaatst. Men noemt dit "in verband" spijkeren.
Zijn meerdere banen aan elkaar genaaid dan zal een groot vlak gespannen moeten worden.
De naden zullen eerst met behulp van schietlood te lood worden gezet om plooien en zakken te voorkomen. Hierna wordt het gehele vlak d.m.v. hechtspijkers één nacht op de rek gezet.
De volgende dag wordt het linnen eraf gewipt en opnieuw op de draad afgespannen en in verband gespijkerd.
Na het afspannen van het linnen worden de tengels met een stevig plaksel in gestreken. Hierbij moet het plaksel met de vingertoppen door het linnen heen gewreven worden.
Na droging zit het linnen op de tengel vastgeplakt en behoeven de spijkers niet de gehele spanning van het linnen te weerstaan. Hierna moet het linnen direkt gegrond worden om uitzakken te voorkomen. Er mogen dus niet meer vakken worden afgespannen dan men diezelf- de dag nog kan gronden.
Ofschoon linnen spannen in ons land niet veel meer wordt toegepast, zijn er landen zoals bijv. Frankrijk waar men de betere behangsoorten niet anders verwerkt dan op een linnen ondergrond.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Linnenspijkers  
Deze spijkers worden gebruikt voor het spannen en spijkeren van linnen. Ze worden ook wel betengelnagels of vertinde spijkers genoemd. Oorspronkelijk gebruikte men ijzeren spijkers. Door vochtopname gingen deze roesten waardoor het linnen losscheurde.
Toen ging men de spijkerkoppen meniën, doch dikwijls ontsierde een olievlekje het behang op de plaats waar gemeniede spijkerkoppen aanwezig waren.
De vertinde spijkers brachten uitkomst.
De meeste soorten zijn nu dubbel vertind om roestvorrning te voorkomen.
Soms echter roesten ze toch enigszins door omdat grondpapier of behang te lang nat blijft. Ook wordt de tinlaag door het timmeren beschadigd, waardoor roestvorming niet uitgesloten is.
Linnenspijkers worden geleverd in 1/4, 1/2, en 3/4 ponders. De 1/2 ponders worden gebruikt voor het aanbrengen van behanglinnen. Voor jute en zijdespanstoffen gebruikt men 1/4 en 3/4 ponders.
De levering geschiedt per pakje en 1 pakje 1/4 ponders weegt 115 gram, 1 pakje 1/2 ponders weegt 230 gram en 1 pakje 3/4 ponders weegt 375 gram.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lippenstift, vetkrijt etc. verwijderen  
Over het algemeen zijn lippenstift en soortgelijke produkten zeer moeilijk van een wandbekleding te verwijderen. Er zijn echter soorten waarbij dit wel het geval is. Indien men onmiddellijk probeert de lippenstift te verwijderen, kan men soms enig succes hebben. Wacht men te lang waardoor de lippenstift te droog wordt dan is het, zonder scherpe schoonmaakmiddelen, niet meer mogelijk.
Vanzelfsprekend speelt bij het schoonmaken de kwaliteit van de wandbekleding een zeer belangrijke rol.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Loodfolie  
Dit materiaal wordt speciaal gebruikt ter bestrijding van vocht en z.g.n. "salpeter" uitslag.
Het bestaat uit een zeer dunne laag lood die door middel van watervaste chemicaliënbestendige lijm met een papieren drager verbonden is.
Voordat men loodfolie gaat aanbrengen moet de muur eerst met een afbrandapparaat of andere warmtebron drooggemaakt worden. Hierna moet men dit materiaal met de loodzijde naar de muur aanbrengen. Hierbij kan men de muur en/of het materiaal met contactlijm instrijken. Men gebruikt hiervoor een spatel of een kortharige kwast.
Nadat de lijm niet meer kleeft kan men de loodfolie op de muur bevestigen. De banen moeten elkaar hierbij ongeveer 1 cm overlappen. Met een rubberrol worden de banen gelijkmatig en stevig aangedrukt waardoor een goede hechting ontstaat en blaasvorming is uitgesloten. Een oude methode voor het aanbrengen van dit materiaal is het plakken in natte morsverf- of menielaag.
Een nadeel van dit materiaal is, dat de muur geheel wordt afgesloten en condensvorming ontstaat.
loodfolie wordt geleverd aan rollen van 7 meter lengte en 50 cm breed.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Loodlijn  
Voordat men behang gaat aanbrengen, is het noodzakelijk dat eerst een loodlijn wordt uitgezet. Deze loodlijn moet men over de gehele baanlengte aanbrengen en niet met enkele punten aangeven.
Hiervoor moet men een eenvoudig grafietpotlood gebruiken omdat ballpoint, viltstift en anilinepotlood doorslag veroorzaken. De loodlijn wordt uitgezet met een schietlood.
Indien de eerste baan goed te lood wordt gezet zal men verder geen last meer van scheve banen hebben.
Het verdient aanbeveling van tijd tot tijd de loodlijn te controleren. Het geforceerd aanbrengen van een baan moet men ten alle tijden voorkomen omdat na droging, als het papier weer ingekrompen is, krimpnaden kunnen ontstaan.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Loodmenieverf  
Zie: Menieverf
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 

Loodstrip

 
Dit zelfklevende materiaal wordt gebruikt voor imitatie-glas in lood. Voor het aanbrengen op glas moet de ruit eerst met spiritus, eventueel vermengd met iets krijt, gereinigd worden.
Hierna verwijdert men het witlinnen schutlaagje. De strip wordt dan op de ruit geplakt en met een glad en hard voorwerp aangedrukt.
Deze loodstrips worden geleverd op 25 meter lengte met een breedte van 7 of 10 mm.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Loslaten van behang  
De oorzaken van het loslaten van behang kan men zowel bij de ondergrond als bij de gebruikte plakselsoort zoeken.
Indien aan het behang een gedeelte van de pleisterlaag zit, is veelal de stukadoor hiervoor verantwoordelijk.
Het is mogelijk dat de pleisterlaag onvoldoende droog is geweest toen het behang moest worden aangebracht.
Hierdoor was verdampen van het overtollige water uit de muur uitgesloten. De pleisterlaag is verstikt en door de spanning, veroorzaakt door het plaksel, laat het behang los. Tevens wordt ook een gedeelte van de pleisterlaag meegetrokken.
Ook kunnen de muren te lang in de ruwpleister hebben gestaan waardoor hechting van de blauw- of witpleister onvoldoende was.
Eveneens door spanning, veroorzaakt door het plaksel wordt bij het loslaten van behang een gedeelte van deze pleisterlaag meegetrokken. Het behang kan ook loslaten op een niet- of onvoldoende vastgezette rnuurverflaag.
Het behang moet dan verwijderd worden. Betreft het een waterverflaag dan kan men het behang het beste met een afstoomapparaat verwijderen. Hierdoor verwijderd men niet alleen het behang maar ook de verflaag. Nadat het behang is afgestoomd zal men de wand goed met water en ammonia moeten nawassen om alle losse verfdeeltjes te verwijderen.
Kan de verflaag niet afgewassen worden dan moet men de muur afschuren of afschuiven.
Meestal zal de muur tegen inzuigen moeten worden voorgestreken. Men gebruikt hiervoor een goed, in de handel zijnd voorstrijkmiddel, dat in een dunne laag moet worden opgebracht.
Hierdoor voorkomt men dat een filmpje op de muur wordt gevormd, dat eventueel het loslaten van het behang in de hand werkt.
Gebruikt men bij het verwerken van behang niet het juiste plaksel in de voorgeschreven dikte dan kan hierdoor het behang loslaten. De kleefkracht is dan onvoldoende om de wandbekleding aan de muur te doen hechten.
Het is daarom noodzakelijk dat men het plaksel zoals dit door de fabrikant is voorgeschreven gebruikt.
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lijmsoorten  
Zie: Plakmiddelen
Bovenzijde pagina  

 

 

 

 

 
Lijmen van muren  
Het lijmen van muren is, gezien het grote assortiment aan verfmaterialen, uit de tijd.
Om het inzuigen bij muren te voorkomen, verdient een goed in de handel zijnd voorstrijkmiddel de voorkeur boven een lijmsoort.
In noodgevallen kan men de muur voorlijmen met een celluloselijm in de verhouding van 1 deel lijm op 25-30 delen water.
Aan deze verdunde massa voegt men dan 1 deel blanke polyvinyl-acetaat-emulsie toe.
Men moet voorkomen dat op de wand een verffilm wordt gevormd. Daarom moet men een zelfgemaakt of gekocht voorstrijkmiddel zo dun mogelijk verwerken.
Een verffilm kan de oorzaak zijn dat het behang loslaat van de muur omdat het plaksel niet kan hechten.
Bovenzijde pagina  
   
   
Neem even contact met ons op voor een persoonlijk advies
Beginpagina Van Apeldoorn Schildersbedrijf  
home | projecten | onderhoudNL | alg.voorwaarden | subsidie-info | verklaringen | alles over verf
alles over glas | alles over behang | alles over kleur | 4 seizoenen | links | sitemap | sponsoring | actueel |
vacatures | contact